Respect voor de persoonlijke levenssfeer: een prioriteit voor De Post
2003/2/17
Als reactie op de tussenkomst van kamerlid Yves Leterme op 11 februari, bevestigt De Post geen enkele richtlijn op centraal niveau te hebben gegeven om haar bedienden er toe aan te sporen de privé-gegevens van haar klanten te verzamelen om ze voor commerciële doeleinden te gebruiken buiten het wettelijk toegelaten kader. De directie van De Post ontkent ook formeel dat ze haar werknemers zou aanmoedigen dergelijke praktijken aan te wenden om de commerciële doelstellingen te bereiken.
De Post heeft de drie gevallen die Yves Leterme aanhaalde, geanalyseerd. Uit die analyse bleek dat het om twee volstrekt lokale initiatieven gaat. De Post heeft geen commerciële mailing op basis van deze gegevens verricht. Ze doet er alles aan opdat dergelijke lokale initiatieven buiten het wettelijk toegelaten kader inzake de bescherming van persoonsgegevens niet meer worden genomen: ze zal de richtlijnen aan het netwerk opvoeren, meer controle uitvoeren op wat op het terrein gebeurt en de communicatie met de klanten versterken.
De Post heeft in dit kader al maatregelen genomen. De wettelijke meldingen betreffende het respect voor de persoonlijke levenssfeer staan op de relevante documenten die worden afgeleverd door PostStation, het nieuwe informaticasysteem waarmee stap voor stap alle loketten worden uitgerust. Daarenboven staat deze wettelijk vereiste informatie ook op alle informatieve en commerciële brochures en op de documenten tot onderschrijving van producten en diensten van De Post, de Bank van De Post en de Verzekeringen van De Post.
De naleving van de wet tot bescherming van de persoonlijke levenssfeer is voor De Post altijd een prioriteit geweest: de vertrouwensrelatie met haar klanten is voor haar een essentiële waarde.